Corona heeft ook mooie dingen gebracht bij het E & E Gasthuis

Met een hoogwerker even de familie bezoeken - foto Ali van Vemde

In de verzorgingstehuizen is de coronacrisis heel hard aangekomen. Strenge maatregelen moe(s)ten ervoor zorgen dat kwetsbare ouderen goed beschermd werden. Veel mensen gingen dood en de hele wereld verkeerde in grote angst. Zo ook bij het Ewoud & Elisabeth Gasthuis. 

„Het was afschuwelijk in maart vorig jaar,” vertelt teammanager Marja Pepping. „Binnen QuaRijn hebben we al snel een speciale commissie opgezet. Dit team heeft ervoor gezorgd dat alles in goede banen werd geleid. Op locatie hadden we een continuïteitsteam. In het begin was het zoeken, maar al snel was alles goed voorbereid, waaronder een cohortafdeling. Tijdens de tweede golf waren er op drie afdelingen enkele besmettingen van bewoners en vijf medewerkers. Door de bewoner direct in isolatie te plaatsen en beschermende maatregelen te nemen bleef het beperkt. Het is fantastisch om te zien hoe hecht de teams zijn en dit gezamenlijk hebben opgepakt. Je merkte dat het iets deed met iedere medewerker. Het virus is ongrijpbaar en onzichtbaar en dat maakt het zo moeilijk. Maar ze hebben gewoon hun werk gedaan en we zien dat de samenwerking zich versterkt heeft. Wij merkten echt een groei in het team rondom het virus.”

Mooie gebaren

Zeker tijdens de eerste golf was er ook veel positiviteit. Pepping: „We zagen veel creativiteit. Mensen uit de buurt kwamen bloemen brengen, het was hartverwarmend om te zien hoe iedereen mee leefde. 

De Kaieschaiters regelden een hoogwerker zodat mensen hun dierbaren op afstand even konden bezoeken. De angst is nu wat minder en iedereen heeft wat meer zijn weg gevonden hierin. We merken dat onze bewoners met dementie het juist wel prettig vinden dat er meer rust is. Steeds hebben we geprobeerd om maatwerk te leveren. De bewoners wennen aan het beeldbellen met de familie en er is veel één op één begeleiding op de afdeling. Het is rustiger, huiselijker. Alle afdelingen hebben hun steentje bijgedragen. Veel ging er niet door en dat dwingt je ook om te kijken wat nu echt nodig is. Hoeveel moeten we nog vergaderen? Het gaat echt om wat de bewoner nodig heeft. De inentingen zijn gestart en als de bewoners en de medewerkers voor de tweede keer zijn ingeënt, geeft dat wat meer een gevoel van vrijheid. Natuurlijk is het ook fijn als straks het restaurant weer open kan en er weer activiteiten mogelijk zijn.”