Monument, aanwijzing en vergunning

De gemeente kan een gebouw of terrein aanwijzen als gemeentelijk monument.

Waar kijkt de gemeente naar bij aanwijzing?

De gemeente kijkt naar:

  • de schoonheid
  • de betekenis voor de wetenschap
  • de cultuurhistorische waarde

Als de gemeente van plan is een gebouw of terrein als monument aan te wijzen, dan krijgen de eigenaar en belanghebbenden een bericht hierover. Bent u het er niet mee eens? Geef uw mening dan schriftelijk door aan de gemeente. De gemeente bekijkt uw zienswijze voor zij het monument definitief aanwijst. Kijk voor meer informatie bij 'Zienswijze'.

Voor gebouwen en terreinen op de gemeentelijke monumentenlijst gelden meer regels. Deze regels staan in de Monumentenwet. U heeft bijvoorbeeld voor het verbouwen van een monument vaak een omgevingsvergunning nodig. Bij de gemeente kunt u de monumentenlijst opvragen. U kunt bezwaar maken tegen de beslissing van de gemeente.

Wanneer heeft u een vergunning nodig voor een monument?

Als u een beschermd monument bezit (of wilt kopen), wilt u dat misschien verbouwen, herstellen of aanpassen. U heeft daar misschien een vergunning voor nodig. Dit is een omgevingsvergunning voor een monument. Voor gewoon onderhoud hoeft u geen vergunning aan te vragen. Gewoon onderhoud is alles waarbij het uiterlijk van het interieur of van de buitenkant van het pand niet verandert. Voorbeelden zijn:

  • bijhouden van het schilderwerk in dezelfde kleur
  • kleine reparaties met de oorspronkelijke materialen

Ook als u in het monument aanpassingen doet, kan dit vaak zonder vergunning. Denk aan het verwijderen van een niet-historische keuken of plafond. Heeft uw monument onderdelen die geen monumentale waarde hebben? Bijvoorbeeld een recente schuur? Dan zijn de bouwactiviteiten aan deze onderdelen ook vaak vergunningvrij.

U heeft een vergunning voor een monument nodig als:

  • u eigenaar bent van een pand of terrein dat is aangewezen als beschermd monument
  • u het monument wilt restaureren, grondig verbouwen of slopen

Aanvraag vergunning

De aanvraag lijkt op de aanvraag voor een omgevingsvergunning voor het bouwen. Kijk daarvoor bij 'Bouw en verbouw, vergunning'. Stuur dezelfde stukken mee. Daarnaast kan om de volgende informatie gevraagd worden:

  • een bouwrapport of een cultuurhistorisch rapport
  • een bouwbestek
  • u moet tekeningen meeleveren. Dit zijn tekeningen van hoe het er nu uit ziet en van wat u van plan bent. Dat is nodig voor de toetsing.

U vraagt de omgevingsvergunning aan op de website van het Omgevingsloket Online. U ziet daar of de gemeente, provincie of het rijk over de vergunning voor uw monument gaat.

Wanneer wordt de uitgebreide procedure voor een Rijksmonument gevolgd?

  • bij (gedeeltelijk) sloop
  • bij ingrijpende wijzigingen
  • bij reconstructie van een beschermd monument
  • wijziging bij herbestemming

De tijdsduur voor de uitgebreide procedure bedraagt 26 weken.

Voor alle andere wijzigingen wordt de reguliere procedure gevolgd. Dit geldt ook voor wijzigingen aan gemeentelijke en provinciale monumenten. De tijdsduur voor de beslissing is 8 weken. De termijnen kunnen met 6 weken worden verlengd.

Uitleg procedures bij de omgevingsvergunning

Bij de omgevingsvergunning zijn 2 procedures:

  • een gewone (de reguliere) en
  • een uitgebreide procedure.

Bij de gewone procedure maakt u binnen 6 weken eerst bezwaar bij de instantie die uw aanvraag heeft afgewezen. Bent u het daarna niet eens met de uitspraak op het bezwaarschrift? Teken dan beroep aan bij de rechtbank. Eventueel kunt u ook nog in hoger beroep bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State.

Bij de uitgebreide procedure geeft u binnen 6 weken eerst uw mening over het ontwerpbesluit (zienswijze). Daarna kunt u in beroep gaan bij de rechtbank. Ook dan kunt u eventueel nog in hoger beroep gaan bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State. Is er niet gereageerd binnen de beroepstermijn van 6 weken? Dan is de vergunning definitief.

U vraagt de vergunning aan op de website van het Omgevingsloket Online (OLO).

Wat kost het?

€ 301,- (art. 8.3.6.1 en 8.3.6.2 tarieventabel 2016), vermeerderd met het bedrag van kosten van extern advies van de welstands- en monumentencommissie.